Viering en preek van de week
Jaar A
28e zondag door het jaar
Zondag 11 oktober 2026, 11u
Celebrant: plebaan M. Hagen
Ook deze zondag horen we een gelijkenis van Jezus. Deze keer gaat het over het feestmaal van de Zoon van de Koning. Wij zijn ingegaan op zijn uitnodiging; daarom zijn we hier samen voor het vieren van de Eucharistie. Toch moeten we ons steeds opnieuw afvragen wat zijn Boodschap voor ons kan betekenen.
U kunt de livestream vinden op het Youtubekanaal van bisdom Rotterdam. Als u zich op Youtube op het kanaal van het bisdom abonneert krijgt u een melding zodra de livestream van de viering begint.
Lezingen
- Eerste lezing: Jesaja 25, 6-10a
- Tussenzang: Psalm 23 (22), 1-3a, 3b-4, 5, 6
- Tweede lezing: Filippenzen 4, 12-14. 19-20
- Vers voor het evangelie: Cf. Efese 1, 17-18
- Evangelie: Matteüs 22, 1-14 of 1-10
Collecte
Via onderstaande link kunt u deelnemen aan de collecte. U kunt via de link ook deelnemen aan Actie Kerkbalans. Hartelijk dank voor uw bijdrage.
Homilie
Plebaan M. Hagen
De afgelopen weken hoorden we een aantal gelijkenissen van Jezus. Het begon vier weken geleden met de gelijkenis van de werkers van het eerste uur en die van het elfde uur. Die gelijkenis eindigde Jezus met de uitspraak: Ik wil aan degene die het laatst gekomen is, evenveel geven als aan u. Mag ik soms met het mijne niet doen wat ik verkies of zijt ge kwaad, omdat ik goed ben’? Zo zullen de laatsten de eersten en de eersten de laatsten zijn.”
De week daarna volgde de gelijkenis van de twee zonen. De eerste zij nee, maar hij ging uiteindelijk toch, de tweede zei ja, maar ging niet. Die gelijkenis eindigde Jezus met deze uitspraak: “Voorwaar, Ik zeg u: de tollenaars en de ontuchtige vrouwen gaan eerder dan gij het Rijk Gods binnen. Johannes kwam tot u en beoefende de gerechtigheid; toch hebt gij hem geen geloof geschonken, terwijl de tollenaars en de ontuchtige vrouwen hem wel geloof schonken. Maar zelfs, nadat ge dit had gezien, zijt ge toch niet tot inkeer gekomen en hebt ge hem geen geloof geschonken.”
Verleden week volgde de parabel van de onbetrouwbare pachters van de wijngaard die de opbrengst niet wilden afstaan, die de knechten mishandelden en uiteindelijk ook de zoon vermoordden. Die gelijkenis eindigde Jezus met deze zin: “Het Rijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat wel de vruchten daarvan opbrengt”.
Vandaag dan de gelijkenis van de bruiloft. De eerste gasten komen niet, ze hebben het te druk met hun eigen dingen, het feest van de koning interesseert hen feitelijk niet. Daarna mag iedereen komen, mits je het feestkleed voor de bruiloft draagt. In deze gelijkenis zien we hetzelfde als in die van verleden week, bij de onbetrouwbare pachters: “De overigen grepen zijn dienaars vast, mishandelden en doodden hen. Nu ontstak de koning in toorn, stuurde zijn troepen en liet de moordenaars ombrengen en hun stad in brand steken”.
In zeker zin zijn het steeds variaties op hetzelfde thema: “De laatsten zullen de eersten en de eersten de laatsten zijn”. “De tollenaars en de ontuchtige vrouwen gaan eerder dan gij het Rijk Gods binnen”. “Het Rijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat wel de vruchten daarvan opbrengt”. “De koning stuurde zijn troepen en liet de moordenaars ombrengen en hun stad in brand steken”.
Er zijn dus de werkers in de wijngaard; zij sluiten een verbond met de wijngaardenier. De vader geeft zijn twee zonen een opdracht. De pachters mogen de wijngaard beheren. En dan bij de bruiloft zijn er de genodigden.
Werkers, zonen, pachters, genodigden. Dit gaat niet alleen over het Israël in de tijd van Jezus; het gaat ook over ons, over de Kerk nu. Het is niet verstandig om de Kerk van nu af te zetten tegen het Israël van die dagen. Want de kans bestaat dat wij ons net zo gedragen als zij toen en dan is er geen verschil meer. Wij zijn in principe de werkers van het laatste uur, wij zijn die eerste zoon, die pas later ja deed, wij zijn die volken die de herkansing aannamen. Wij hebben Christus aangenomen als onze Redder en Heer. Maar als wij blijven steken bij mooie woorden en niet doen wat Hij ons voordeed, zijn we geen haar beter, dan zijn we hetzelfde als die tweede zoon die ja zei, maar nee deed. Dan zijn ook wij pachters van Gods koninkrijk zonder dat wij vruchten afdragen. Dan zijn wij genodigden die niet naar de bruiloft komen.
Toch is bij die laatste gelijkenis een opvallend verschil. Bij de eerste drie ging het over een wijngaard. Nu gaat het over een bruiloft. Bij de eerste ging het over werk, nu gaat het over een feestmaal. Bij die eerste ging het over een opdracht, een taak en vruchten dragen. Nu gaat het over genodigden die worden opgeroepen te komen. Het gaat over de nieuwe tijd, het Nieuwe Verbond. Er is iets nieuws. Het gaat ook over een nieuwe vrijheid, om een uitnodiging. De vrijheid om de uitnodiging wel of niet aan te nemen. In het Evangelie van Johannes zegt Jezus tegen zijn leerlingen: “Ik noem u geen dienaars meer, want de dienaar weet niet wat zijn heer doet, maar u heb Ik vrienden genoemd, want Ik heb u alles meegedeeld wat Ik van de Vader heb gehoord”. Een nieuwe tijd, geen dienaren, maar vrienden van de Bruidegom.
Johannes plaatst aan het begin van zijn evangelie de bruiloft van Kana, daarmee typeert hij die nieuwe tijd als een bruiloftsfeest. Johannes de Doper zegt bij hem: “De bruidegom is hij die de bruid heeft, maar de vriend van de bruidegom, die staat te luisteren of hij hem hoort, is al vol blijdschap wanneer hij de stem van de bruidegom verneemt. Zo nu is mijn vreugde en ze is volkomen”. Een nieuwe tijd, een nieuwe relatie met God door Jezus. Daar ligt onze keuze. Wij mogen vrienden van de bruidegom zijn, genodigden op het eeuwig bruiloftsfeest. Dat feest is begonnen met de komst van Christus in de wereld. Wij zijn zonen en dochters.
Natuurlijk vraagt de Vader ook ons te werken in zijn wijgaard. En ja, wij zijn de volken die pas laat ter elfder ure in de wijngaard zijn gekomen, maar nu volop mee mogen doen en dezelfde beloning krijgen, ja ook wij moeten nu Gods wijngaard goed beheren en vruchten dragen van liefde en gerechtigheid, maar meer dan dat; wij zijn genodigden als vrienden van de bruidegom, meer nog, door Hem mogen wij God Vader noemen, zijn wij zonen en dochters. Nemen wij die uitnodiging aan? Horen wij de uitnodiging en springt ons hart op van blijdschap dat de bruiloft is begonnen? Komen wij los van ons eigenbelang in deze wereld en verheugden we ons in de komst van Gods Koninkrijk? Of missen we de kans, laten we zijn uitnodiging aan ons voorbijgaan? Het is aan u en mij aan ieder van ons of we meedoen of niet. Amen.
Foto: Bisdom Rotterdam
Klik hier of bovenin op Eerdere vieringen voor opnames van eerdere vieringen en de bijbehorende preken. Indien u meer preken en columns van plebaan Hagen wilt lezen dan kunt u terecht op hagenpreken.nl.