Viering en preek van de week

Jaar B

Elfde zondag door het jaar

Viering zaterdag 12 juni 2021

Graan op de akker en een mosterdzaadje in de tuin; het Evangelie helpt ons geloven dat God uit kleine dingen iets goeds en groots kan laten groeien. Dat mogen we vieren in deze Eucharistieviering.

Lezingen

  • Eerste lezing: Ezechiël 17, 22-24
  • Psalm: Ps. 92 (91), 2-3, 13-14, 15-16
  • Tweede lezing: 2 Korinte 5, 6-10
  • Alleluja acclamatie: Lucas 19, 38
  • Evangelie: Marcus 4, 26-34

Klik hier voor de teksten van de lezingen van vandaag

Homilie

Plebaan Michel Hagen

Broeders en zusters. Daarom houden wij altijd goede moed. Daarmee begint de tweede lezing uit de tweede brief van Paulus aan de Christenen van Korinte: “We houden altijd goede moed”, schrijft hij. Lukt dat u, hebt u altijd goede moed, bent u altijd positief?

Waar haalt Paulus die goede moed vandaan? Die haalt hij uit het perspectief van de hemel, het eeuwig leven. Hij schrijft: “Wij weten het immers: als de tent die onze aardse woning is, wordt neergehaald, heeft God voor ons een gebouw gereed in de hemel, een onvergankelijk, niet door mensenhand vervaardigd huis. Zolang wij in dit lichaam zijn, zuchten wij dan ook, vol verlangen naar de beschutting van onze hemelse woning …” (2 Korinte 5, 1-2).

Dit mag ons aan het denken zetten. Hebben wij onze uiteindelijke hoop gevestigd op iets dat voorbij dit leven ligt, of is onze hoop gevestigd op dit aardse leven?

Een jaar of 10 geleden kwam het Humanistisch Verbond met de slogan: ‘Gelooft u ook meer in het leven vóór de dood?’ Het was een sneer naar gelovigen die hun hoop stellen op een leven voorbij de dood. Die houding heeft al oude papieren vanuit het atheïsme. Daarin werd geloof vaak getypeerd als opium, dat verdoofd en verlichting biedt, maar geen oplossingen. Ondertussen gaven het Humanistisch Verbond en D66 elkaar de hand in het streven naar volledige autonomie over je eigen leven. Bij hen wordt de dood een handig instrument om van problemen af te komen.

Inmiddels zie je een verschuiving optreden. Op dit moment hanteert de NPO de term “Leven voor de dood” voor een programma dat gaat over meer dan 400.000 mensen in Nederland per jaar die aan zelfdoding denken. Voor veel mensen is het kunnen praten al verlichtend en helpend, kunnen praten over de angst voor het leven en de vlucht naar de dood, geeft opluchting.

Het interessante is dat veel mensen een totaal verkeerd idee hebben op de Christelijke visie op leven voor de dood en leven na de dood. Dat heeft ermee te maken dat ons geloof voortdurend wordt gesimplificeerd, herleid tot een paar gedachten en daarmee een karikatuur wordt. Je leven voor de dood heeft alles te maken met je leven na de dood. Inderdaad, als je leven voor de dood los raakt van God en los van wat goed is, dan mag je je afvragen wat er overblijft van het leven na de dood, maar wie met Jezus leeft voor de dood, zal ook met Hem leven na de dood. Wie voor de dood met God verbonden leeft, leeft ook na de dood met God verbonden.

Paulus schrijft dus: “Broeders en zusters. Daarom houden wij altijd goede moed”. Paulus haalt uit het geloof in het leven voorbij de dood, goede moed voor het leven hier en nu.

Dat kunnen we ook vinden in het Evangelie. Jezus geeft een vergelijking over Gods Koninkrijk. Graan gezaaid in de akker en het mosterdzaadje in de tuin. Jezus neem voorbeelden uit het leven. Hij zal ook zeggen; Als de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen, maar als hij sterft, brengt hij veel vrucht voort. Zoals voor Jezus het sterven aan het eind van ons leven een overgaan is naar het definitieven bestaan in God, zo is voor hem het sterven tijdens het leven, dat is het sterven van alledag ook een overgaan naar een leven in God.

Dan gaat het over hert afsterven aan alle egoïsme en eigenbelang, afsterven aan agressie en heerszucht, afsterven aan geweld en hebberigheid, afsterven aan ongeduld en gebrek aan zelfbeheersing, wie daaraan durft te sterven, komt tijdens zijn leven op aarde al tot nieuw leven, die komt tot leven in liefde en dienstbaarheid, die komt tot leven vredelievendheid en behulpzaamheid, die komt tot leven in vriendelijkheid en geduld, in mildheid en gulheid.

Het graan op de akker, het mosterdzaadje in de tuin. Het zijn tekenen van hoop tegen wanhoop in. Durven we in kleine daden van goedheid Gods liefde te zaaien, durven we af te sterven aan onze eigen tekorten, durven we al onze kaarten te zetten op de navolging van Jezus? Wanneer we dat durven en daar de eerste stappen in te zetten, dan verzekert Jezus ons van een toekomst die Hij beschrijft als het Koninkrijk van God.

De discussie in de politiek over autonomie en voltooid leven, zullen doorgaan, discussies over embryoselectie en genetische manipulatie. Wanneer we technieken bedenken, willen we ze ook gebruiken. Maar misschien groeit ook de wijsheid dat er domeinen zijn waar je niet aan moet komen. Zoals het Bijbelverhaal leert dat de Mens niet aan die boom van kennis van goed en kwaad moet komen, er zijn domeinen die je aan God moet laten.

Her en der groeit het bewustzijn dat we atoombommen kunnen maken, maar dat we dat niet moeten doen en de bestaande moeten ontmantelen. Her en der groeit het bewustzijn dat we zo niet met het milieu en de natuur om moeten gaan, we kunnen nog steeds olie oppompen en verstoken, maar we moeten het niet doen.

Misschien dat ooit ook het bewustzijn groeit dat we het begin en het einde van het leven moeten respecteren en niet tot eigen domein maken. Als dat gebeurt, kan Gods Koninkrijk weer iets dichterbij komen. Amen.

Foto: Bisdom Rotterdam

Klik hier voor preken bij voorgaande vieringen